Bij de realisatie en de bedrijfsvoering van De Bastei zijn zeer veel mensen betrokken. Personen die elk hun eigen expertise en vaardigheden inbrengen. Maak kennis met deze mensen én het gebouw in onze interviewserie 'De Bastei in Beeld'. Deze keer spraken we met Michiel Hustinx.

Drie maanden werkt Michiel Hustinx nu in De Bastei, tijd om eens kennis te maken. Hij is sinds juni vanuit de gemeente Nijmegen voor twee jaar fulltime gedetacheerd bij De Bastei. Bij de gemeente was hij verantwoordelijk voor milieu en duurzaamheid. Daar was het organiseren van Green Capital 2018 voor hem een hoogtepunt. Toen dit project was afgerond, was dat een mooi moment om iets nieuws aan te pakken.

De Bastei in beeld: Michiel Hustinx

"Mijn functie is kwartiermaker en manager bedrijfsvoering. De term 'kwartiermaker' is wel wat verwarrend, want je denkt daarbij aan het opzetten van iets nieuws en dat is De Bastei niet meer. Toch vind ik het een mooie term vanwege de associatie met tenten, haringen en aangespannen lijnen. Je zou kunnen zeggen dat ik de lijnen bij De Bastei wat strakker ga aanspannen. Ik vind het militaire van die term ook wel passen bij De Bastei, die immers de functie had van een militair verdedigingswerk. Het komt erop neer dat het mijn taak is De Bastei een boost te geven. Museum De Stratenmakerstoren en het Natuurmuseum Nijmegen hadden een heel andere doelstelling dan De Bastei. De Bastei moet meer zijn dan de som der delen, moet een spilfunctie gaan vervullen in de stad.

Ik was erbij toen het bestuur hierover met de gemeente beraadslaagde. De gemeente wilde dit streven wel steunen door iemand beschikbaar te stellen. Ik dacht meteen: zo'n soort functie zou ik best leuk vinden. De organisatie van De Bastei is nog niet robuust genoeg om financiële tegenslagen op te vangen en alle kansen te benutten die deze prachtige plek in zich heeft. Mijn doel is de kwetsbaarheid van de organisatie ook op lange termijn op te lossen, te zorgen voor een stabiele uitgangspositie.

Op het gebied van de cultuurhistorie is er nergens in de stad een plek waar je zozeer de 2000-jarige geschiedenis van Nijmegen ziet, voelt en ruikt. Er zijn ook wel andere plekken om die te ervaren, zoals de Stevenskerk of het Valkhofmuseum, maar De Bastei is toch de eerste plek om kennis te maken met de oudste stad van Nederland. Daar liggen mooie kansen, maar dat besef is nog lang niet overal ingedaald en onze organisatie is er ook nog niet op ingericht om dat waar te maken. De Bastei zou de functie van een etalage kunnen hebben. Er zijn in de stad veel organisaties gericht op cultuurhistorie, maar het totaal is erg versnipperd. Ik zou willen dat De Bastei die initiatieven verbindt en laat zien. Het mooiste zou zijn als je de geschiedenis dan ook nog kunt koppelen aan de huidige tijd.

Ook op het gebied van de natuur zou ik willen dat De Bastei een etalage werd voor allerlei activiteiten. Er zijn in en rond Nijmegen nogal wat organisaties die zich richten op biodiversiteit. Denk aan de vogeltellingen van SOVON of aan het onderzoek naar het verspreidingsgebied van wilde planten door FLORON. De bescherming van soorten wordt een steeds belangrijker thema in verband met de voedselvoorziening. Dat verdient eigenlijk een veel bredere belangstelling. Wij zouden daaraan bij kunnen dragen en door een moderne manier van presenteren ook jongeren erbij kunnen betrekken.

De Bastei moet zich sowieso meer op jongeren gaan richten. Het probleem is: gezinnen of opa's en oma's met kinderen vinden het hier fantastisch, maar de groep van 20 tot 25 jaar hebben we blijkbaar weinig te bieden. We hebben bij de expositie 'Waal Onder' wel geprobeerd jongeren meer aan te spreken door gebruik te maken van virtual reality. Daarmee begeef je je in een driedimensionale werkelijkheid. Je gaat bij wijze van spreken als een duiker de rivier in. Vanuit de Hogeschool Arnhem-Nijmegen (HAN) wordt er gewerkt aan een communicatieplan om jongeren beter te bereiken. De Bastei is hoofdopdrachtgever. Studenten zijn daar in groepjes mee bezig en de beste groep gaat het communicatieplan verder uitwerken en ons in een latere fase een stagiair leveren. Het zou trouwens fijn zijn als ook schoolklassen De Bastei gaan weten te vinden.

De Bastei in beeld: Michiel Hustinx

Het bestuur ziet voor mij een belangrijke rol weggelegd op het gebied van communicatie en marketing. We moeten veel meer doen aan onze zichtbaarheid, ook via social media. Het is belangrijk om ons netwerk te versterken. Je kunt je bijvoorbeeld afvragen: is De Bastei bekend in de Nijmeegse hotelsector? Liggen er folders, worden de gasten naar ons verwezen? Dat levert potentiële bezoekers op. Of neem onze atelierruimte, dat is een prima plek voor workshops en meetings van bedrijven. Iedereen loopt hier altijd met een blij gezicht naar buiten. Het mag best wat meer bekend worden dat De Bastei een van de leukste en bijzonderste plekken van Nijmegen is. Zo komen mensen terug met hun familie, met hun kinderen.

De manier waarop wij ons presenteren is nog niet sterk genoeg. We moeten dat consequent doen met een eigen, uniform gezicht. We maken het de bezoekers vaak niet gemakkelijk. In de Bastei Academie hebben we bijvoorbeeld de Sandbox, een interactieve opstelling over de veiligheid van de rivier. Vlak daarnaast wordt hetzelfde thema verbeeld met behulp van schaapjes die zo uit een stripverhaal of cartoon zijn weggelopen. Dat is niet op elkaar afgestemd. Een bezoeker die de Bastei Academie binnenkomt snapt niet in één oogopslag wat hij daar aantreft, waarom die dingen daar staan. Door een betere, meer uniforme presentatie moeten we hem helpen om de context en de samenhang beter te zien.

De Bastei heeft veel vrijwilligers en zij worden ook vaak voor reguliere taken ingezet. Het is natuurlijk prachtig dat dat kan, maar vrijblijvendheid maakt ook kwetsbaar. Van de andere kant laat dit zien dat we veel energie van mensen aan ons weten te binden, dat we er al aardig in slagen om maatschappelijke betrokkenheid te organiseren. Ik vind toch dat dit nog beter kan.

Ik hoop dat ik in de periode dat ik voor De Bastei werk een belangrijke bijdrage kan leveren. Wat ik daarna ga doen heb ik bewust opengelaten. Er zijn drie mogelijkheden: ik ga terug naar de gemeente, of ik begin aan iets geheel nieuws, of ik ga verder in een functie bij De Bastei. Wat ik hier erg waardeer is de creativiteit die in het team schuilt. Je werkt in een minder dichtgetimmerde setting dan bij de gemeente en je werkt met enthousiaste en betrokken mensen. De museumsector is nieuw voor mij, maar nu ik hier drie maanden ben kan ik wel zeggen dat ik het enorm naar mijn zin heb.

Tekst & foto's: Jos Schoots
Interview: 19 september 2019